Land van Ons, gezamenlijk landschap herstellen.

Land van Ons, gezamenlijk landschap herstellen.

In biodiversiteit en biologische landbouw scoort Nederland slecht. Een coöperatie die daar iets aan wil doen, vraagt burgers hun spaargeld te steken in landbouwgrond. De gekochte hectaren worden dan verpacht aan duurzame boeren. ‘Ik kon me dood blijven ergeren, maar ik besloot er zelf wat aan te doen.’

Boeren met oog voor de natuur is niet zonder risico’s. Het bewijs ligt achter de boerderij van Rick Huis in ’t Veld. Een strook van een halve hectare met jonge hazelaars, noten- en fruitbomen staat daar te verdrogen. Een minivoedselbos, dat vogels en insecten moet trekken en op termijn ook mensen met een ‘plukabonnement’.

Vooralsnog trekt het stuk grond tussen Lettele en Deventer andere passanten aan en staat de jonge aanplant er niet alleen door de droogte treurig bij. ‘De helft is al weg, aangevreten door hazen’, zegt de 32-jarige biologische boer.

Het lijkt een kleinigheidje, zo’n project van een paar duizend euro aan bomen en struiken dat dreigt te mislukken. Maar zo’n halve hectare landbouwgrond waarop het zich voltrekt is in Nederland wel mooi een kleine 30 duizend euro waard. Tel daarbij op dat Huis in ‘t Veld nog een aantal van zijn 35 hectare deelt met de natuur, en voor zijn vijftig Maas-Rijn-IJssel-koeien loopt de grasopbrengst hard terug. En dan is er nog de droogte, waardoor van het resterende land weinig af komt.

In het weiland met gras tot net voorbij de schoen legt Huis in ’t Veld zijn hand horizontaal tegen zijn knie. ‘Tot hier had het moeten staan.’ De jonge boer moet voor duizenden euro’s voer bijkopen.

Precies voor boeren als Huis in ‘t Veld is Franke Remerie op aarde. Hij is de bedenker van Land van Ons, een coöperatie die sinds dit jaar burgers in staat stelt geld te steken in landbouwgrond. Remerie en zijn team kopen het land en verpachten dit vervolgens aan duurzame boeren, die al hebben laten zien dat ze werk maken van het bevorderen van de biodiversiteit en overeenkomen daarmee door te gaan op de grond van Land van Ons.

25 procent biologisch

Initiatieven als Land van Ons hebben de tijd mee nu steeds duidelijker wordt dat het bedroevend is gesteld met de biodiversiteit in Nederland. Door de stikstofdiscussie ligt er bovendien grote druk op de landbouw om duurzamer te werken. Vanuit Brussel schroefde Eurocommissaris Frans Timmermans vorige maand in het kader van zijn Green Deal de ambities op: in 2030 moet 25 procent van de EU-landbouwgrond biologisch zijn. Mede door hoge grondprijzen bungelt Nederland in Europa met minder dan 5 procent biologische landbouw ergens onderaan.

Remerie, van kinds af aan geobsedeerd door dieren en planten, begon de verschraling van het Nederlandse landschap eerst in zijn eigen omgeving te zien. Het karakteristieke Achterhoekse coulisselandschap was terrein aan het verliezen, zag hij tijdens ritjes van en naar zijn huis in Warnsveld. Kleine percelen bloemenweiden, omzoomd door houtwallen en slootjes, maakten gestaag plaats voor eentonige grasmatten met snelgroeiend raaigras. Als veel reizende bedrijfsconsultant zag hij ook dat de werkelijke ramp zich de afgelopen veertig jaar op nationaal niveau voltrok.

‘Ik kon me daaraan dood blijven ergeren’, zegt de 63-jarige ondernemer, die de Treintaxi bedacht en voor het geld niet meer hoeft te werken. ‘Maar ik besloot er zelf wat aan te doen.’

Hij doet zijn werk onbezoldigd en is niet verrast dat zijn amper een half jaar oude initiatief, waar inmiddels 25 mensen vrijwillig aan meewerken, aanslaat. Sinds februari hebben ruim 5.500 leden samen 1,6 miljoen euro ingelegd. Ondanks de waarschuwing vooraf dat ze niet moeten meedoen om winst te maken op hun inleg.

‘Een groeiende groep maakt hun afwegingen niet meer alleen om welvaart te vergaren, maar ook voor hun welzijn’, zegt hij tijdens een wandeling over het land van boer Huis in ‘t Veld. ‘Met biodiversiteit als rendement.’

Elfde generatie boer

Boer Huis in ’t Veld had een vergelijkbare overweging als Remerie om te doen wat hij nu doet. Nadat zijn vader hem had aangemoedigd vooral niet de elfde generatie boer te worden rond het land waaraan ze hun naam ontlenen, studeerde hij in Utrecht aan de kunstacademie. Maar de boerderij bleef trekken en hij deed ook de opleiding tot biologisch-dynamische boer aan de Warmonderhof in Dronten.

‘Ik had na mijn tweede studie achter een bureau bij een landschapsarchitect kunnen gaan zitten en mooie plannen kunnen bedenken’, zegt de jonge boer. ‘Maar op dat moment had mijn vader geen opvolger en kon ik ook hier plannetjes gaan bedenken. Én ze uitvoeren.’

Stil heeft hij niet gezeten met zijn vrouw Arjuna, die hij kent van de kunstacademie. In de vijf jaar dat ze nu in de maatschap zitten, schakelde het bedrijf over naar biologisch, kwam er een nieuwe stal, een eigen zuivelinstallatie en een strak merk: De Melkbrouwerij.

Op hun website prijken artistieke vergezichten van de kringlooplandbouw die ze voor ogen hebben op hun grond bij Lettele. Maar om het allemaal te kunnen voortzetten, is dus wel meer land nodig om te compenseren voor alle biodiversiteitsinitiatieven – die minder gras opleveren. Via Land van Ons is het de hoop dat zijn grondoppervlak groeit van 35 naar een kleine veertig hectare.

Gemakkelijk gaat het nog niet met het derde perceel dat Remerie met publiek geld hoopt aan te kopen. De verkoper wilde aanvankelijk allerlei ingewikkelde pachtconstructies. ‘Zo werken wij niet’, zegt Remerie eenmaal aangekomen op het perceel met aan de achterrand een rij oude wilgen. ‘Het doel is dat het gezamenlijk bezit wordt van onze leden, zodat we zelf de bestemming kunnen bepalen.’

Door goede wil van de verkoper lijkt de aankoop bij Lettele alsnog rond te komen. Hoeveel pacht Huis in ’t Veld moet gaan betalen? ‘Misschien wel niks’, zegt Remerie. ‘Hij investeert al in de verbetering van de grond en biodiversiteit.’ Huis in ’t Veld lachend: ‘Dat wil ik graag zwart op wit.’

15 procent landbouwgrond aankopen

Het eerste perceel van Land van Ons werd vorige maand met boekweit ingezaaid in het Drentse Hooghalen. Met deze kleine acht hectare en nog eens 21 bij Leiden zijn de eerste stappen gezet in de gigantische ambitie die Remerie voor Land van Ons heeft geformuleerd: in tien jaar 15 procent van de totale landbouwgrond in Nederland aankopen. Kosten: een slordige 18 miljard euro. ‘Het gaat om nog geen 5 procent van alle Nederlandse spaartegoeden’, zegt hij optimistisch.

Zijn spaarders bereid dat zomaar in landbouwgrond te steken? Het vergelijkbare Terre de Liens in Frankrijk laat zien dat een initiatief met particulier geld kan aanslaan, maar nog niet in de omvang waar Remerie aan denkt. In vijftien jaar wisten ze in Frankrijk 25 duizend leden en investeerders aan zich te binden, wat 90 miljoen euro opleverde.

Ruraal socioloog Dirk Roep van Wageningen Universiteit is enthousiast dat ook Nederland steeds meer van dit soort initiatieven kent, vooral omdat hier veel wordt gespeculeerd met landbouwgrond. ‘Land van Ons haalt het weer weg uit die sferen en bestemt het waar het voor is bedoeld', zegt hij. ‘En dat zonder al te veel risico’s te lopen, waardoor het hard kan gaan. Maar 18 miljard is wel erg veel geld.’

Remerie weet dit en zegt dat de praktijk het zal uitwijzen, als hij straks ook meer grote investeerders hoopt binnen te halen. 15 procent van de landbouwgrond aankopen en biodiverser aanwenden is volgens hem vooral een ondergrens voor een positieve kentering in het Nederlandse landschap. ‘Er zijn meer initiatieven, wij hoeven dit niet alleen te doen.’

Hij wil de aangekochte landerijen ook openstellen voor onderzoek naar bodemkwaliteit en educatie. Leden moeten ook de kans krijgen de producten van hun land met voorrang te kopen, om zo meer bewustzijn over voedsel te creëren.

De keuze voor het aankopen van alleen landbouwgrond is een bewuste. ‘Daar zijn nog grote positieve resultaten voor de natuur mogelijk’, zegt Remerie. ‘Er zijn ook al genoeg initiatieven waarbij particulieren natuurgrond kunnen helpen aankopen, zoals Natuurmonumenten.’

Na de eerste successen weet Remerie dat het zaak is ‘vast te houden aan de oorspronkelijke identiteit’ van zijn initiatief. Het verbeteren van de ecologie staat voorop en ieder lid heeft evenveel te zeggen over de koers, ongeacht inleg.

Hij is beducht voor grote bedrijven, die hem nu al benaderen, en politici die goede sier willen maken met zijn initiatief. Hij wil vooral niet verstrikt raken in andermans belangen. ‘Iedereen wil zich met succes identificeren’, zegt hij. En om zichzelf te doordringen van de risico’s die daarmee gepaard gaan: ‘Als het grote geld lonkt, moet je sterk in je schoenen staan.’

Bron: De Volkskrant

Terug naar overzicht